“De automotive industrie is heel bijzonder”, trapt directeur AutomotiveNL Welschen af. “Er is totaal geen versnippering binnen de industrie. Er is maar één organisatie die de belangen vertegenwoordigt. 95 procent van onze industrie is export. We zijn de enige industrie die over een 100 procent automotive doorlopende leerlijn opleiding beschikt. Onderwijs is dan ook een belangrijk speerpunt binnen onze organisatie.

"Omdat alle relevante partijen hier fysiek aanwezig zijn gaat dat ook makkelijk en gebeuren hier mooie dingen.”

Hoge urgentie om samen te werken

De samenwerking tussen overheid, bedrijven en onderwijs is altijd goed geweest. Wij zijn een hele hechte club. De urgentie is nu groot om met elkaar samen te werken binnen de wereld van automotive”, vertelt Joëlle van den Broek, senior projectmanager bij TNO. “Nieuwe verkeers- en mobiliteitssystemen, een auto vol met sensoren, communicatie en navigatie, dat moet je samen oppakken. Anders krijg je allemaal verschillende systemen en dat werkt niet.”

“Die samenwerking is altijd van zelfsprekend geweest bij ons”, zegt Rik Baert, lector automotive power bij de Fontys automotive opleiding. Hij is drie dagen per week lector. “Wij zijn altijd op zoek naar bedrijven in de regio om samen projecten en onderzoek mee te doen. Ook de samenwerking met de overheid erbij is vanzelfsprekend. Dat heeft ons ook veel gebracht. Omdat alle relevante partijen hier fysiek aanwezig zijn gaat dat ook makkelijk en gebeuren hier mooie dingen.”

Duurzaamheid

De roep om schonere auto’s is groot en de ontwikkelingen talrijk en het onderwijs speelt hier op in. De automotive industrie staat voor de schone taak om innovaties te realiseren die helpen om de uitstoot te verminderen. Denk dan niet alleen aan emissiereductie, maar ook aan light weight constructies. Maar ook om draagvlak te creëren voor het adopteren en faciliteren van alle uitvindingen door middel van investeringen. Want met te weinig laadpalen in de actieradius kan een elektrische auto niet zo veel.

“Die electricatie van voertuigen, schoon en zuinig, smart mobility: dat is geen hype”, weet Baert. “Het gaat nu nog niet om miljoenen auto’s, maar dit gaat wel doorzetten.” Al moeten we ons wel realiseren dat de gemiddelde autogebruiker nog geen 100 km per dag rijdt en iedere elektrische auto dit zonder problemen aankan! Welschen: “Met schaalvergroting zal de electrificatie sneller gaan. De revolutie binnen de automotive zit in de energie. Verbrandingsmotoren gebruiken straks 1 op 35 of 1 op 40 liter de km. Of zelfs 1:50 of 1:60, alles gaat razendsnel.”

De revolutie binnen de automotive zit in de energie.

Slimme auto

Ook de slimme auto, die in verbinding staat met verkeerssystemen en kan ‘praten’ met andere auto’s, is sterk in opkomst. “De auto staat steeds minder op zichzelf, die is onderdeel van een mobiliteitssysteem”, zegt Van den Broek. “De auto communiceert ook zelf. Met ICT-technologieën en verbeterde mobiliteitssystemen zal de auto veel beter kunnen anticiperen, slimmer en zuiniger zijn. Dat is echt een gigantische transitie, vergelijkbaar met de opkomst van de mobiele telefoon.

Met visie en lef de beste van de wereld worden

Een kwart tot een derde van de files ontstaat zonder reden. Dat voorkom je door beter advies te geven, dat je doorgeeft aan de auto. Meer in-car technologie betekent uiteindelijk een versobering van de weg, omdat je minder borden nodig hebt.” Baert: “Alle voertuigen gaan met elkaar praten. Daarom moet je hier een living lab creëren, zodat je dat hier kunt testen. In het conceptstadium moet je al met elkaar samenwerken in een duidelijke rolverdeling tussen de partijen.”

“Het integreren van al die systemen is een exportproduct dat heel belangrijk voor Nederland gaat worden”, zegt Welschen. “Daar moeten we dus beleid op gaan voeren. Daar heb je bedrijven, kennisinstellingen en de overheid voor nodig om dit met elkaar te testen en commercieel te exploiteren. Met zo’n geïntegreerd systeem waarbij auto’s, systemen en infrastructuur worden gecombineerd heb je iets unieks. Daar hoort visie en lef bij om de beste van de wereld op dit gebied te worden.

We zijn met sommige technologieën al de beste van de wereld, dus is de ambitie realistisch. We weten wat voor goud we hier in onze handen hebben, en met een overheid die meewerkt gaat dat zeker lukken.”