Marc de Haas
Business Developer Smart Mobility BOM
 

Van een ontwikkelcentrum van Volvo heeft de locatie zich de afgelopen decennia echter getransformeerd tot de plek waar bedrijven en instellingen uit de branche innoveren, hun kennis delen én samenwerken. “In 2013 is het Ruimtelijk Ontwikkel Plan opgesteld”, vertelt Marc de Haas, business developer Smart Mobility bij BOM (Brabants Ontwikkelings Maatschappij), samen met de Gemeente Helmond en bouwbedrijven Van De Ven en Hurks initiator van deze visie. “Toen werd duidelijk: dit gaat dé Automotive Campus van Nederland worden; een broedplek waar bedrijven, overheid en onderwijs samen werken aan nieuwe innovaties. Smart en Green Mobility staan hierbij centraal. Inmiddels zijn er zo’n vijftig verschillende bedrijven gevestigd. Startups, maar ook gevestigde organisaties als TNO, Heijmans en het RDW. Op het terrein wordt flexibele huisvesting aangeboden aan gebruikers en ook de aanwezige testfaciliteiten kunnen worden verhuurd. De Automotive Campus heeft bovendien de beschikking over een deel van de openbare weg, dat naar gelang kan worden afgesloten voor het testen van nieuwe projecten.”


Benno Hüsken
Directeur AutomotiveNL

Innovatie en kennisoverdracht

Ook een kantoor van de clusterorganisatie AutomotiveNL is op het terrein gevestigd. Directeur Benno Hüsken: “Onze focus ligt op het stimuleren van onder andere innovatie en kennisoverdracht: twee zaken waar bedrijven op de Automotive Campus zich op concentreren. Onze rol is dan ook om verschillende partijen bij elkaar te brengen.” De Haas vult hem aan: “Een mooi voorbeeld hiervan zijn de WEpods: autonoom rijdende voertuigen die zullen gaan rijden tussen station Ede-Wageningen en Wageningen University and Research center (WUR) en op de WUR campus. Deze zijn, in samenwerking met de TU Delft en TU Eindhoven, op de Automotive Campus ontwikkeld, afgebouwd met sensoren en uitvoerig getest. Ook elektrische bussen van VDL zijn op daar ontworpen. Inmiddels rijden ze in onder andere Keulen, Noorwegen en Zweden op de weg. De waarde zit hem voornamelijk in de diversiteit van de samenstelling; individuele leveranciers en bedrijven uit verschillende takken van de automotive sector die met elkaar een nieuw en compleet product ontwikkelen.”

Studenten

Studenten spelen een grote rol in onderzoek en ontwikkeling; inmiddels zijn er op de Automotive Campus ruim tweehonderd studenten ondergebracht in verschillende opleidingen die variëren van MBO tot Academisch niveau. Hüsken: “De studenten zitten hier ontzettend dicht op het bedrijfsleven. Een unieke situatie in Nederland waardoor het dankzij de korte lijnen makkelijker is ze al vroeg in het proces te betrekken bij nieuwe ontwikkelingen. Neem bijvoorbeeld de WEpod; betrokken studenten denken bij dit project mee over de besturingsmodellen van morgen. Daarnaast worden er regelmatig lectoraten en bijeenkomsten met betrekking tot de automotive branche georganiseerd.”

In 2013 werd het DITCM (Dutch Integrated Test site for Cooperative Mobility) Experience Center geopend op het campusterrein. Hier hebben samenwerkende partners de mogelijkheid hun innovaties te demonstreren. Het DITCM innovatieprogramma voor de komende vier jaar sluit bovendien naadloos aan bij de focus op samenwerkingsverbanden op het gebied van automotive. Hüsken: “Het DITCM-programma brengt verschillende sectoren samen met als doel kennisuitwisseling, onderzoek en het innoveren van mobiliteit. Dit is integraal aan de doelstellingen van de Automotive Campus.”

Toekomst

Wat de toekomst brengt? De Haas: “Op het terrein is nog ’ruim twintig hectare grond beschikbaar, maar uiteindelijk willen we dat bedrijven uit de automotive branche ons niet vanwege onze ruimte weten te vinden, maar juist omdat we willen investeren. De aantrekkingskracht van zit hem denk ik in de bundeling van interessante faciliteiten zoals de testbaan en een waterstof-teststation. Een belangrijke prioriteit is dan ook om deze verbindingen tussen de bedrijven en organisaties in de toekomst verder te laten groeien.”