Holdingsmaatschappij CRH heeft geconsolideerd ongeveer 25 werkmaatschappijen in Nederland, die tamelijk zelfstandig werken. Ook wat betreft het wagenpark was dat zo. Maar centralisatie levert schaalvoordelen en meer efficiëntie op. De Git ging daarom aan de slag om dat voor elkaar te krijgen.

Voor het halen van strategische doelstellingen moet immers de hele organisatie meedoen.

Middenweg vinden

Het wagenpark van CRH beslaat ongeveer 1100 auto’s, maar er was geen afdeling die zich daar centraal mee bezighield. De Git stond voor de uitdaging om een centraal gecoördineerd wagenparkbeheer voor elkaar te krijgen. Dat was een hele klus. “Want je hebt te maken met HR-afdelingen, financiële afdelingen en Ondernemingsraden. In de praktijk staan de belangen soms recht tegenover elkaar.”

Cruciaal in het hele proces zijn duidelijkheid, geen verborgen agenda’s en heldere en eerlijke communicatie. Voor het halen van strategische doelstellingen moet immers de hele organisatie meedoen. De Git heeft in eerste instantie de verantwoordelijken van de verschillende afdelingen per werkmaatschappij bij elkaar gehaald. “Ik heb gevraagd naar ieders wensen en uitgangspunten. Die heb ik verwerkt tot een presentatie om te laten zien hoe we tot een goede autoregeling konden komen. Uiteraard kun je dan niet alle wensen meenemen. Bijvoorbeeld aan de ene kant een mooiere auto en aan de andere kant geld besparen, dat gaat niet samen.

De uitdaging is om een tussenweg bedenken zodat alle partijen toch tevreden zijn. Vertrouwen is daarbij heel belangrijk. Je kunt wel een mooie presentatie maken, maar als je het niet kunt waarmaken dan val je meteen door de mand.”

Er is nu één autoregeling en één normering voor de hele organisatie.

Emotie

Als het over auto’s gaat, speelt nog een ander punt: “Daar komt meer emotie bij kijken”, lacht De Git. “Dat is een extra dimensie. En meteen ook een knelpunt. Hoe vertaal je emotie naar een meetbare factor? Hoe vertaal je een besparing van bijvoorbeeld tien procent per jaar naar de waarde van een auto? En wat merkt iemand daar van?

Ik heb dat continu zo proberen te vertalen dat iedereen het begrijpt, zowel de medewerkers als HR en de financiële mensen. Het effect van de besparing is dan uiteindelijk dat je alleen maar een optie minder hebt op de auto. Men kan gewoon in de auto blijven rijden, maar die is dan iets minder luxe.”

Eén programma

Het centralisatieproces is inmiddels afgerond. Het wagenparkbeheer wordt nu centraal gecoördineerd en beheerd, met decentraal enkele operationele mensen voor de uitvoering. “Het beleid en de werkwijze zijn centraal, met één programma voor het beheer van het wagenpark.

Er is nu één autoregeling en één normering voor de hele organisatie. Dat is eerlijker voor de medewerkers, want mensen in vergelijkbare functies rijden nu in vergelijkbare auto’s. Ook dat heeft met emoties te maken, en daar is nu meer rust in. We werken bovendien met nog maar twee leasemaatschappijen. Dat alles is nu de basis voor vervolgstappen, bijvoorbeeld naar CO2 reductie en andere speerpunten.”